Inspraak met kinderen met een beperking

Afbeelding
Gele header

Kinderen met een beperking weten vaak heel goed wat ze nodig hebben om fijn te kunnen spelen. Door hen actief te betrekken bij het ontwerp van speelruimte, vergroot je de kans dat die plek ook echt aansluit bij hun wensen, mogelijkheden en dromen. Dat vraagt soms wat meer voorbereiding en een aanpak op maat, maar is wel haalbaar en heel waardevol. Kinderen met een beperking zijn een brede doelgroep, die zich ieder op hun eigen manier uiten. Op deze pagina vind je tips en praktische methodieken die je helpen om kinderen met een beperking te betrekken bij het ontwerp van speelruimte.

een kind maakt een maquette van een speelruimte

Tips om aan de slag te gaan

Afbeelding
één

Ken je groep: samenspraak met begeleiders

Wanneer je kinderen met een beperking laat participeren rond ontwerp van speelruimte is het extra belangrijk om de groep waarmee je gaat werken goed te leren kennen. Stem daarom goed af met begeleiders, leerkrachten of ouders van de kinderen. Zij kunnen goed aangeven wat de kinderen kunnen en hoe zij het beste bevraagd kunnen worden. Ook hebben zij vaak al veel kennis over de praktische drempels waar de kinderen vaak tegenaan lopen in een speelruimte.
In onze projecten werkten we steeds in drie sessies, om de kinderen geleidelijk te leren kennen, en de intensiteit van de participatie op te bouwen zodat ze tegen het einde op het gemak waren om hun mening te geven. Door in meerdere sessies te werken, leer je de kinderen ook beter kennen en kun je de methodieken nog aanpassen mocht dat nodig zijn.
Het is belangrijk om de tijd te nemen om een vertrouwensrelatie op te bouwen met de kinderen. Dit kan door bijvoorbeeld samen naar andere speelplekken te gaan en deze te ontdekken. Geef kinderen de ruimte om hun eigen ervaringen te delen en betrek ze bij het maken van keuzes over het ontwerp. Dit helpt niet alleen om een goede relatie op te bouwen, maar zorgt er ook voor dat kinderen zich gehoord voelen en actief bijdragen aan het proces.

Afbeelding
2

Observeer: kijk naar het spelgedrag

Een eerste leerzame stap is om te kijken hoe kinderen spelen. Dit kan zowel op het speelterrein dat verbeterd gaat worden, als op een speelterrein dat al inclusieve speelkansen aanbiedt. Kijk hoe de kinderen het speelterrein gebruiken. Wat doen ze? Hoe lang blijven ze met iets spelen? Waar lopen ze tegenaan? Wat vinden ze moeilijk, en wanneer ervaren ze extra veel plezier? Begin eerst met observeren vanop een afstandje, maar probeer dan ook eens samen met een kind te spelen. Bij de meeste kinderen lukt dit gemakkelijk. Bekijk samen met de begeleiders of een kind dit wil doen, of ga samen met een begeleider met het kind spelen. Door echt samen te spelen zullen kleine details eerder opvallen en ervaar je het zelf beter. Waar heeft een kind extra ondersteuning nodig? Welke speeldetails zijn een echte meerwaarde? Maar ook: wat heeft een begeleider nodig? Als een kind bijvoorbeeld van de glijbaan wil, zal het kind er wellicht opgetild moeten worden. Gaat dit gemakkelijk voor de begeleider of maakt de hoogte of de ingang het toch wel moeilijk? Door samen te spelen leren de kinderen je ook beter kennen, waardoor het gemakkelijker wordt om met ze in gesprek te
gaan of later samen te ontwerpen.

Afbeelding
3

Ervaar het zelf

Probeer de speelruimte zelf ook eens uit, al is het maar voor een kort moment. Dit kan je helpen om een beter inzicht te krijgen in de ervaringen van de kinderen. Hoe voelt het om in de ruimte te bewegen? Welke obstakels ervaar je zelf? Door de ruimte te ervaren vanuit het perspectief van de gebruiker, kun je beter beoordelen wat er nodig is om de ruimte inclusiever en toegankelijker te maken. Testhulpmiddelen, zoals een rolstoel, blinddoek of koptelefoon helpen je nog beter in te beelden.

Afbeelding
4

Durf experimenteren

Werken met kinderen met een beperking vraagt vaak om een zekere flexibiliteit en bereidheid om te experimenteren. Bepaalde methodieken kunnen voor sommige kinderen te moeilijk zijn of lukken hen net vandaag toch niet. Durf ruimte te geven voor het onverwachte en wees bereid om je aanpak ter plekke aan te passen. Soms is de output minder dan je had verwacht. Bekijk dan of je een extra moment kunt organiseren of dat je eens individueel met één kind in gesprek kunt gaan.

Afbeelding
vijf

Gebruik een aanpasbare methodiek

Aangezien de behoeften van kinderen met een beperking sterk kunnen variëren, is het belangrijk om een methodiek te gebruiken die flexibel is en zich aanpast aan de specifieke situatie. Zorg voor meerdere benaderingen en gebruik bijvoorbeeld een combinatie van visuele, tastbare en auditieve hulpmiddelen. Dit maakt het mogelijk om met verschillende kinderen effectief te communiceren en hun input te verzamelen.

Afbeelding
zes

Gebruik visuele methodieken

Foto’s boven tekeningen, tekeningen boven woorden. Veel kinderen, vooral die met een cognitieve of taalbeperking, hebben baat bij visuele hulpmiddelen. Foto’s zijn vaak
effectiever dan tekeningen, en tekeningen zijn vaak weer beter dan alleen woorden. Door visuele hulpmiddelen te gebruiken, vergroot je de kans dat kinderen begrijpen wat er van hen wordt gevraagd en kunnen ze beter bijdragen aan het ontwerpproces.
 

Afbeelding
zeven

Praat met ouders en begeleiders

Ouders en begeleiders hebben een diepgaande kennis van de kinderen en kunnen
waardevolle feedback geven. Ze begrijpen de dagelijkse uitdagingen die hun kinderen ervaren en kunnen suggesties doen voor aanpassingen die de speelervaring kunnen
verbeteren. Betrek ze dus actief in het proces en vraag hen ook om input.
 

Verloop van een traject

Een kind speelt op zijn knieën in het water

Het is aan te raden om de inspraak in meerdere sessies te laten plaatsvinden. Zo is er de tijd om elkaar te leren kennen, en echt te leren hoe de kinderen spelen. Wij kiezen er bijvoorbeeld voor om de inspraaktrajecten in drie sessies te laten verlopen, met de volgende inhoud:

  1. Observeren en spelen op het eigen terrein
  2. Samen spelen op een ander terrein
  3. Samen een ontwerp maken

Op deze manier leren de kinderen het terrein ook beter bekijken, bewust ervaren, waardoor ze grondiger te werk gaan bij het maken van een ontwerp of het formuleren van aanbevelingen. Bij inspraak met kinderen met een beperking is het extra belangrijk om samen veel te ontdekken en ervaren op het terrein.

Methodieken kunnen, mits een kleine aanpassing, geschikt zijn om met kinderen met een beperking te gebruiken. Verschillende methodieken zijn hieronder te downloaden. Combineer de methodieken met de bovenstaande tips. 
 

Methodieken

een kind wordt geholpen om te klimmen

Samen spelen

Ga samen met de kinderen spelen. Door samen te spelen kunnen kinderen laten zien wat ze leuk vinden om te doen, en wat misschien wel lastig is of te uitdagend is.

Leden van de Akabe werken aan een collage

Stickeroefening

Maak een selectie van interessante foto’s en geef ze op een blad aan de kinderen.
Geef de kinderen rode en groene stickers, deze mogen ze op de foto’s plakken om hun favorieten te selecteren. Een eenvoudige oefening waarbij er niet te veel communicatie nodig is.

Stickeroefening

Een kind noteert, andere kinderen testen een vlonderpad met een rolstoel.

Terrein-evaluatie

Laat de kinderen op het terrein zelf een speelplek evalueren. Voor oudere kinderen kan dit aan de hand van het evaluatieformulier. Voor kleinere kinderen of voor kinderen waarvoor het evaluatieformulier te moeilijk is, kan je werken met de emoji’s. De kinderen kunnen met de emoji’s aangeven wat ze van het speelelement vinden.

Terrein-evaluatie

een kind maakt een maquette van een speelruimte

Maquette

Maak met de kinderen samen een maquette als eindontwerp. Dit kan papier en karton of materiaal gevonden in de natuur.

Maquette

Een kind maakt een collage

Collage

Maak een selectie van interessante foto’s van speelelementen. Kinderen mogen uit deze foto’s kiezen om er een collage van te maken. De foto’s visualiseren wat er allemaal mogelijk is en geven hen verdere ideeën en inspiratie.

Collage

Cover_SKB

Avontuurlijke speelruimte voor iedereen

Lees hier de publicatie!