Ruimte voor rondhangen

Afbeelding
Achtergrond blauw cirkel

Rondhangen in de publieke ruimte is een belangrijke vrijetijdsbesteding van tieners. Zeker groepen die thuis niet veel privéruimte hebben, zoeken hun ontmoetingsruimtes vaak in de publieke ruimte. Elkaar kunnen ontmoeten is dan ook een recht. Maar hoe voorkom je conflicten en overlastklachten? Of beter: hoe faciliteer je als gemeente of als gemeente ontmoeting in de publieke ruimte?
 

Helaas komt er vaak pas expliciete aandacht voor tieners en jongeren wanneer er overlastklachten binnenlopen. Het is dan alle hens aan dek, en soms kan je dan pas vaststellen dat de conflicten al ver geëscaleerd zijn.

Conflicten tussen tieners en hun omgeving zijn meestal is dat een complex sociaal verhaal, maar heel vaak zijn er ook ruimtelijke factoren in het spel: een gebrek aan ruimte, of slechte inrichting van die ruimte. Die beslissingen over hoe de publieke ruimte eruitziet, zijn vaak al jaren geleden genomen. Als we meer proactief aan jongerenruimte werken, vanuit inzicht en begrip van deze gebruikersgroep, kunnen we heel wat conflicten voorkomen. 

Hoe kiezen tieners een plek? 

Tieners hebben een eigen ruimtegebruik. Ze zwerven van plek tot plek en lijken moeilijk ‘grijpbaar’. Toch maken ze intensief gebruik van de publieke ruimte. Het publieke domein is voor hen een belangrijke ruimte voor vrijetijdsbesteding, zeker voor die jongeren die niet actief zijn in het verenigingsleven. 

Vaak is het de veelheid van plekken die telt voor tieners, waarbij het geheel van plekken – wat wij een ‘tienerweefsel’ noemen  – méér is dan de afzonderlijke delen. Hun rondhangen lijkt wat onoverzichtelijk en onvoorspelbaar. Maar wie goed kijkt en het gesprek aangaat, merkt dat er verrassend veel patronen te ontdekken zijn in hun ruimtegebruik. Daarbij zijn de ligging, nabijheid en kwaliteit van verbinding tussen de plekken vaak belangrijker dan hoe de plekken er precies uit zien.

Dat heeft soms veel meer te maken met wat er in de buurt is, dan met hoe de plek zélf eruitziet. De betekenis van een specifieke plek voor tieners wordt pas duidelijk door de plaats in het weefsel. De nabijheid van voorzieningen speelt hier sterk mee:

  • Loopt er een belangrijke fiets- of wandelroute langs? Is het een vast punt waar routes van tieners uiteen gaan?
  • Is er een halte voor het openbaar vervoer?
  • Zijn er winkels, snackbars en voorzieningen in de buurt?
  • Liggen er in de nabijheid ook jeugdlokalen, een jeugdhuis, een skateramp …?

Al die elementen bepalen mee de potentie of beperkingen van een ruimte voor tieners. 

Hoe vertaalt zich dit naar planning en ontwerp?

Nabijheid en samenhang creëren is een heel belangrijk element voor planning en ontwerp. Als je een plek ontwerpt, moet je dit zo doen dat je het weefsel ermee versterkt. Dat kan door linken te leggen of door functies in te planten die complementair zijn met bestaande functies in de omgeving. Door de samenhang van alle plekken te bestuderen, kan je begrijpen wat je met een plek kan doen en zie je welke plekken of verbindingen prioritair zijn. Tieners kunnen dit ook goed benoemen wanneer je het op die manier met hen over hun gemeente hebt. Daarbij moet je ook over gemeentegrenzen heen kijken.

Foto met tienermeisjes die op een bank snoepjes eten
Tieners samen onderweg